As-Siddieq — Kenniscentrum Islam

Kitabu’l Iʿtikāf: Het Boek van de Iʿtikāf

Onderwerp: Hadith

Lees dit boek in de online lezer

Kitabu’l Iʿtikāf: Het Boek van de Iʿtikāf

Iʿtikāf in de laatste tien dagen van Ramaḍān

اعتكاف العشر الأواخر من رمضان[De lexicale betekenis van iʿtikāf is: onafgebroken op één plek verblijven. In religieuze zin betekent iʿtikāf: zich met de intentie terugtrekken in een moskee waar men de ṣalawāt in gemeenschap kan verrichten, terwijl men vast.Iʿtikāf kent verschillende vormen: - Het wachten op de de ṣalawāt is als het verrichten van de ṣalawāt zelf. In overlevering hierboven werd ook vermeld dat de engelen du`ā’ doen voor degene die zich in de moskee bevindt. - Wanneer er in een moskee een kring van kennis wordt gevormd waarin het Boek van Allāh en de uitspraken van Zijn Rasûl (صلى الله عليه وسلم) worden besproken, dan dient men er niet aan voorbij te gaan om daarbij ook de intentie voor iʿtikāf te verrichten, zodat men zowel de aanbidding van iʿtikāf als het reciteren of bespreken van het Boek van Allāh combineert.- De aanbevolen (mustaḥab) iʿtikāf kent geen vaste duur of vast tijdstip. Zij is volledig vrijwillig.De iʿtikāf als aanbidding wordt al sinds de tijd van Ibrāhīm (عليه السلام) verricht. (sûrah al-Baqarah, 125) Zoals uit overlevering hierna blijkt, bestond het begrip iʿtikāf ook tijdens de periode van de jāhiliyyah, ondanks dat de godsdienst van Ibrāhīm (عليه السلام) toen vervormd was.] (AFK)

٧٢٧ - حديث عَبْدِ اللهِ بْنِ عُمَرَ، قَالَ: كَانَ رَسُولُ اللهِ ﷺ يَعْتَكِفُ الْعَشْرَ الأَوَاخِرَ مِنْ رَمَضَانَ727 - Van `Abdullah Ibn ʿUmar (رضي الله عنهما): Rasûlullāh (صلى الله عليه وسلم) verrichtte iʿtikāf in de laatste tien dagen van Ramaḍān.

٧٢٨ - حديث عَائِشَةَ، زَوْجِ النَّبِيِّ ﷺ، أَنَّ النَّبِيَّ ﷺ، كَانَ يَعْتَكِفُ الْعَشْرَ الأَوَاخِرَ مِنْ رَمَضَانَ، حَتَّى تَوَفَّاهُ اللهُ، ثُمَّ اعْتَكَفَ أَزْوَاجُهُ مِنْ بَعْدِهِ728 - Van ʿĀʾishah (رضي الله عنها), de echtgenote van an-Nabī (صلى الله عليه وسلم):An-Nabī (صلى الله عليه وسلم) verbleef in iʿtikāf in de laatste tien dagen van Ramaḍān, totdat Allāh (zijn rûh) wegnam. Daarna verrichtten zijn echtgenotes iʿtikāf (in hun huizen) na hem.

Wanneer betreedt degene die iʿtikāf wil verrichten zijn plaats van iʿtikāf binnen?

متى يدخل من أراد الاعتكاف في معتكفه

٧٢٩ - حديث عَائِشَةَ، قَالَتْ: كَانَ النَّبِيُّ ﷺ يَعْتَكِفُ فِي الْعَشْرِ الأَوَاخِرِ مِنْ رَمَضَانَ، فَكُنْتُ أَضْرِبُ لَهُ خِبَاءً، فَيُصَلِّي الصُّبْحَ، ثُمَّ يَدْخُلُهُ؛ فَاسْتَأْذَنَتْ حَفْصَةُ عَائِشَةَ أَنْ تَضْرِبَ خِبَاءً، فَأَذِنَتْ لَهَا فَضَرَبَتْ خِبَاءً؛ فَلَمَّا رَأَتْهُ زَيْنَبُ ابْنَةُ جَحْشٍ ضَرَبَتْ خِبَاءً آخَرَ؛ فَلَمَّا أَصْبَحَ النَّبِيُّ ﷺ رَأَى الأَخْبِيَةَ، فَقَالَ: مَا هذَا فَأُخْبِرَ فَقَالَ النَّبِيُّ ﷺ: آلْبِر تُرَوْنَ بِهِنَّ فَتَرَكَ الاعْتِكَافَ ذلِكَ الشَّهْرَ، ثُمَّ اعْتَكَفَ عَشْرًا مِنْ شَوَّالٍ

729 - Van ʿĀʾishah (رضي الله عنها): An- Nabī (صلى الله عليه وسلم) verrichtte iʿtikāf in de laatste tien dagen van Ramaḍān. Ik zette een wollen tent (in de moskee ruimte) voor hem op. Vervolgens verrichtte hij de (ṣalāh)- as-ṣubḥ en betrad daarna zijn tent. Ḥafṣah vroeg ʿĀʾishah toestemming om ook een tent op te zetten, waarop zij haar toestemming gaf. Ḥafṣah zette (ook) een tent (in de moskee ruimte) op. Toen Zaynab bint Jaḥsh dit zag, zette zij ook een tent op. Toen an-Nabī (صلى الله عليه وسلم) de volgende ochtend de tenten zag, vroeg hij: 'Wat is dit?' Men informeerde hem (dat het de tenten van Ḥafṣah en Zaynab waren), waarop an-Nabī (صلى الله عليه وسلم) zei: “Denken jullie dat het goedheid is wat zij hiermee beogen?”Vervolgens liet hij in die maand de iʿtikāf achterwege en verrichtte hij de iʿtikāf gedurende tien dagen van Shawwāl.

Zich extra inspannen in de laatste tien dagen van de maand Ramaḍān

الاجتهاد في العشر الأواخر من شهر رمضان

٧٣٠ - حديث عَائِشَةَ، قَالَتْ: كَانَ النَّبِيُّ ﷺ، إِذَا دَخَلَ الْعَشْرُ شَدَّ مِئْزَرَهُ وَأَحْيَا لَيْلَهُ، وَأَيْقَظَ أَهْلَهُ

730 - Van ʿĀʾishah رضي الله عنها:Wanneer de laatste tien (dagen van Ramadān) waren aangebroken, bracht an-Nabī (صلى الله عليه وسلم) zijn nachten door in aanbidding en wekte zijn familie (om ook te aanbidden).